Geschiedenis van de Gerarduskerk

6905Onze Gerarduskerk (officieel de Sint Gerardus Majellakerk) werd ingewijd op 24 juni 1925. De kerk heeft dus al een flinke geschiedenis achter zich. Een stukje historie:

1920/1925: Philipscultuur
In 1920 werd het stadje Eindhoven samengevoegd met de omringende gemeenten, waaronder Stratum. Door de industrialisatie groeit het aantal inwoners sterk. In Eindhoven ontstaat naast de traditionele katholieke cultuur ook een Philipscultuur. Dat verontrust de kerkelijke leiders van toen en in dat verband wordt er ook wel gesproken over ‘de ramp van Eindhoven’ en ‘de gevaarlijkste stad van het zuiden’. Toch was Eindhoven in 1925 nog volop een katholieke stad, en bij de uitbreiding van het stadsdeel Stratum werd aan het kerkgebouw een duidelijk centrale plaats toebedacht. Een parochie werd in die tijd gezien als een eenheid waarbinnen de plaatselijke maatschappelijke verhoudingen worden gestructureerd en bevestigd. Dit vergemakkelijkte de verstedelijking.

1925: inwijding Gerarduskerk
Op 20 augustus 1923 is de parochie Gerardus Majella in het leven geroepen. De St Gerardus Majellakerk werd ingewijd op 24 juni 1925, en op 4 juli werd het eerste huwelijk ingezegend. Onder leiding van (bouw) pastoor Hamers werd de kerk in 2 jaar tijd gebouwd. Kapelaan Hamers die destijds kapelaan van de Catharinakerk was, werd gevraagd pastoor van de nieuwe parochie te worden.

Grond voor 0,75/m2
De parochiegrens werd in overleg met de moederkerk (de Sint Joriskerk) vastgesteld, en er werd ruimte gezocht voor een kerk, een pastorie, scholen en een patronaatsgebouw. De benodigde grond is toen gekocht voor 75 cent per vierkante meter. Er was nogal wat gesteggel over de grondaankoop, en het bleek ook toen al moeilijk om de financien rondom de bouw rond te krijgen. De nieuwbakken pastoor gaat huis aan huis bij de parochianen langs voor een eenmalige, of maandelijkse bijdrage. Gelukkig werd rond die tijd ook een fonds opgericht voor de arme kerken van de stad Eindhoven en daarnaast sprong de moederkerk Sint Joris bij.

1924/1930: de bouw
De bouw werd gefaseerd aangepakt. Eerst de kerk, dan de scholen en als laatste het patronaatsgebouw. De pastoor zou tot die tijd gaan wonen in een te bouwen woonhuis aan het Gerardusplein (later omgebouwd tot 2 middenstandswoningen en voor een behoorlijk bedrag verkocht).
– In april 1924 waren de tekeningen van de architecten Louis Kooken en Franciscus Wolters goedgekeurd, en aannemer van den Broek uit Strijp kreeg  de opdracht voor de bouw voor een bedrag van 112.746 gulden.
– Op 30 augustus 1924 werd de eerste steen gelegd.
– In 1929 bleek uitbreiding van de kerk noodzakelijk door de snel groeiende wijk (in 1930 zelfs in 1 1/2 jaar tijd een toename van 1000 katholieke gezinnen) en er werd begonnen met de bouw van een heel nieuw gedeelte met toren. Financiering van de benodigde 14.500 gulden gebeurde door middel van het oprichten van een Torenfonds.
– In augustus 1930 werd de dan complete kerk opnieuw in gebruik genomen.

1926: ‘houten planken’ jongensschool geopend
Een parochie is meer dan een kerkgebouw, een pastoor en een schare gelovigen. De parochie was een hechte gemeenschap van mensen met het zelfde geloof. Er was meer dat die mensen gezamenlijk deelden dan de wekelijkse kerkgang. Heel belangrijk binnen die gemeenschap waren de eigen scholen. Pastoor Hamers ging op zoek naar een schoolgebouw voor de jongens (de meisjes konden voorlopig bij de zusters in de Gasthuisstraat terecht), en vond een houten keet met 3 klaslokalen in de verkoop die aan de Heezerweg stond. Deze werd aangekocht voor 3250 gulden en verplaatst naar de plek waar later het parochiehuis zou worden gebouwd. Op 19 april 1926 werd deze ‘houten planken’ school geopend voor de jongens. In de daaropvolgende groeijaren werden er diverse stenen schoolgebouwen neergezet in de wijk. In de Geraniumstraat de stenen H. Hartschool voor meisjes ingewijd, jongensscholen aan de Orchideenstraat en het Balsemienplein, meisjesschool in de Begoniastraat en kleuterschool in Seringenstraat.

1934: parochiehuis gereed
Een parochie zonder parochiehuis, (een centrum voor tal van activiteiten in parochieel verband), is niet compleet. Voor 30.972 gulden werd in 1933 werd met de bouw begonnen. Het parochiehuis werd al op Vastenavond 1934 in gebruik genomen met een eerste uitvoering in de grote zaal.

1939: het nieuwe kerkorgel
Toen pastoor Hamers in 1935 zijn zilveren priesterfeest vierde, kreeg hij namens de parochianen een mooi bedrag aangeboden voor het aanleggen van centrale verwarming in de kerk, en een paar jaar later op eerste pinksterdag 1939 werd een kerkorgel ingezegend dat in vijf maanden tijd gebouwd was voor 7000 gulden. Door de crisis en later de oorlog was de behoefte aan geestelijke steun groot, en er werden in die tijd elke zondag 5 missen opgedragen.

1942-1943: pastoor Hamers gegijzeld
Er was grote verslagenheid onder de parochianen toen pastoor Hamers in 1942 voor 1 1/2 jaar door de Duitsers werd gegijzeld, samen met tal van lotgenoten. Begin 1943 waren ook de luidklokken door de Duitsers gevorderd voor de oorlogsindustrie. Daarnaast was het parochiehuis gedurende de oorlog wijkplaats voor allerlei instellingen die elders uit hun pand verdreven waren door de Duitsers. Aan het eind van de oorlog werd het zelfs nog omgebouwd tot een cellencomplex voor zusterverpleegsters, toen het Josephziekenhuis en Eikenburg waren opgeeist door de Duitsers.

1947: 6 missen per zondag
Vlak na de oorlog groeide de woningbouw weer fors, en nam het aantal parochianen sterk toe. Het aantal missen op zondag was inmiddels opgelopen naar 6. Ook het verenigingsleven kwam in de jaren vlak na de oorlog tot bloei; onder meer een toneelvereniging, verkennerij Don Bosco, het koor de Roostenzangers en de voetbalclub RPC (Roosten Patronaats Club) zijn vanuit de parochie ontstaan.

Voor het 25 jarig bestaan van de parochie en tevens 40 jarig jubileum van pastoor Hamers was een bedrag van 17.000 gulden ingezameld. De kunstenaar Albert Troost kreeg opdracht voor het maken van gebrandschilderde ramen en muurschilderingen voor het priesterkoor.

1972: barre tijden
In 1972 blijkt de financiële positie van de kerk bedroevend. Er wordt geadviseerd de koster te ontslaan en de kosterswoning beschikbaar te maken voor verhuur. Daarnaast zou ook de pastoor elders onderdak moeten vinden, zodat de pastorie kon worden verhuurd (uiteindelijk aan de School Psychologische Dienst). De pastoor (met 2 huishoudsters) kreeg een onderkomen in Primulastraat 27.

1975: 50 jarig bestaan parochie
In 1975 wordt het 50 jarig jubileum van de parochie op sobere wijze gevierd. Na afloop van de feestelijke hoogmis wordt er op het plein voor de kerk koffie gedronken terwijl het Stratums Muziekkorps voor de feestelijke muzikale omlijsting zorgt.

Jaren 80
In de jaren 80 was men er ook in Stratum van overtuigd geraakt dat het voorbestaan van zes zelfstandige parochies niet haalbaar zou zijn. Er werd gezocht naar vormen van samenwerking, wat allereerst resulteerde in de Interparochiele Vereniging Stratum (IVS)

1989: verkoop parochiehuis
In oktober 1989 werd besloten het parochiehuis te verkopen om meer financiële armslag te krijgen. Op de plaats van het voormalig parochiehuis zijn korte tijd later de flatwoningen gebouwd. Met de opbrengst van 380.000 gulden werd het grootste deel van de gewenste aanpassing van de kerk bekostigd. Architect Cornelis van der Ven maakte het ontwerp waarbij het achterste deel van de kerk plaats zou bieden aan een nieuw parochiecentrum en aan een dagkapel (een kerk in een kerk). In 1991 werd deze dagkapel ingezegend.

1995-1998: dreigende sluiting Gerarduskerk 
In 1995 komt de Unie van Stratumse Parochies tot stand onder één bestuur. Er ontstaat in 1998 de nodige beroering toen er berichten naar buiten kwamen dat de Gerarduskerk, de Jozefkerk (Tivoli) en de Onze Lieve Vrouwekerk (Tuindorp) zouden moeten worden gesloten en Don Boscokerk open zou blijven. In de Gerardusparochie kwam een actie op gang tot behoud van de eigen kerk. In sommige straten hing huis-aan-huis een actieposter voor het raam. Uiteindelijk werd gekozen voor de samenvoeging van de vijf Stratumse parochies onder één bestuur en met de Gerarduskerk als hoofdkerk. Deze samenvoeging vindt plaats in 2002.

2013: sluiting Gerarduskerk
Helaas weten we inmiddels dat dit slechts een tussentijdse oplossing is geweest. Op zondag 10 februari om 10.30 uur werd de laatste eucharistieviering gehouden. Parochianen uit Stratum zullen vanaf dan naar de Sint Joriskerk moeten.

Bron: ‘boekje ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de Gerarduskerk in 2000’, door Jaques Grijpink

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *